Pages

30/04/2026

Acer pseudoplatanus

 
Corvus f. frugilegus
[foto © Hans van den Bos]



Acer pseudoplatanus
                            ( † 27 april 2026)
 
Ooit las ik in een boek over Japanse tuinen,
dat bergen, heuvels, bomen, struiken en gebouwen
in de omgeving belangrijk zijn voor een tuin.
Aan de zuidkant van onze tuin stond
een bijna 30 meter hoge esdoorn,
die een een prachtige achtergrond gaf
aan de lagere bomen en struiken in de tuin.
 
Op het zogenaamde groene eiland,
hebben vele boeren een hekel aan bomen.
Ze kunnen op auto’s vallen tijdens storm,
ze laten gras niet groeien door hun schaduw,
ze belemmeren uitzicht en ze verliezen bladeren.
En.... in hoge bomen zitten dikwijls kolonies
van roeken, de gehate aaseters van dit eiland.
 
Ach..., in de 25 jaar dat ik in Ierland woon
heb ik vele bomen geveld of onthoofd zien worden.
Ook deze gewone esdoorn moest er aan geloven,
door kettingzagen ging hij tegen de vlakte.
Aan protesten van de roeken, die hun broedsel
zagen vallen, werd geen aandacht geschonken.
 
Het is illegaal om heggen of bomen te kappen
tijdens het broedseizoen van vogels.
Dat zegt tenminste de Ierse wet,
maar een goeie kennis onder de ambtenaren,
of een goedgevulde envelope
kan bijvoorbeeld wonderen doen. 

Boeken - Takenaka Iku

Originele titel: Shomotsu Uit: Döbutsu jiki (Dierlijk magnetisme) 
Uitgever: Ozaki Shobō, Tokyo / Osaka. 1948 
Vertaling: Hans van den Bos


Takenaka Iku
[1904-1982]

Boeken
 
Ach, als ik aan boeken denk,
voelt het alsof mijn keel wordt dichtgeknepen.
Ik heb ze gekoesterd en verzameld,
sinds ik een jaar of vijftien, zestien was
 
Ze waren ouder dan mijn vrouw, met wie ik al die tijd
samen ben. Ik heb ze nooit geteld,
maar het waren er zeker meer dan drieduizend.
Nee, misschien wel vierduizend.
 
Het was de ochtend van 5 juni 1945,
ze waren allemaal vlak bij me
en ik was getuige van hun einde,
toen ze in rook opgingen.
 
Ik vond daarna een nieuw huis.
Ik kreeg een futon,
maar die boeken, die ongelukkige boeken
heb ik nooit meer gezien.
 
Mijn omgeving is troosteloos.
Ach, boeken.
Soms sla ik in mijn dromen de bladzijden om,
er zijn zelfs regels die ik van buiten ken.

26/04/2026

Twee gedichten - Tōzaburō Ono (Fujisaburō Ono)

Originele titels: Sanchō kara en Ningen no tochi
Tōzaburō Ono (Fujisaburō Ono)
[1903-1996]
Vertaling: Hans van den Bos
 


Vanaf de bergtop
 
Als je de berg beklimt,
stijgt de zee tot aan de hemel.
Beneden tussen het golvende groen
van jonge bladeren,
klinkt zachtjes de roep van een koekoek.
Als je zo hoog staat en de wind voelt,
denk je vanzelf aan de wijdsheid van de wereld.
Ik houd mijn hand voor mijn mond,
want ik heb de neiging iets naar beneden te roepen.
In mei zijn de bergen oogverblindend helder.
Heb je ooit de horizon gezien,
in de vorm van een grote blauwe boog
boven de bergtoppen?
 
 
Land van de mens
 
Een lichtje flikkerde in de avondmist,
op de uitgestrekte zee van Musashino.
 
Het was genoeg om ons hoop te geven.
 
Meer dan tien jaar geleden was het een soortgelijke avond.
Ik stond op het perron van de Tobu Tojo-lijn in Ikebukuro,
gekleed in dezelfde reiskleding.
 
Een jaar van dood en duisternis.
Ik keek om me heen, maar er was niemand.
Ik riep luid, maar niemand antwoordde.
 
Tokyo was stil, en al mijn vrienden,
al mijn metgezellen,
al mijn kennissen waren verdwenen,
hun lot onbekend.
 
Ik heb het gevoel, dat ik dat lichtje,
dat plotseling flikkerde in de avondmist,
toen al zag.


23/04/2026

Stokroosstraat

 



Stokroosstraat
 
Hoeveel broers of zusters
mijn pleegvader had wist ik niet.
Ik kende alleen die broer van het Witte Dorp
en tante Mien een oudere zus van hem
bij wie we daarna introkken.
Zij woonde met haar twaalf kinderen
in de Stokroosstraat op Zuid.
Haar man zat op de wilde vaart
en kwam maar een keer per jaar thuis.
 
De woning op de eerste etage
had een voor, tussen en achterkamer,
w.c., een keukentje en een zolderkamer.
Wij kregen met ons vieren de voorkamer.
Tante Mien sliep met tien van haar kinderen
in de tussenkamer als sardientjes in een blik.
De oudste zoon had de kamer op zolder
en het jongste kind, dat niet helemaal goed was,
lag meestal in een ledikantje in de achterkamer.
Daar stond ook een tafel met stoelen
waaraan bij toebeurt gegeten werd.
Op vrijdag werd de wasteil van de zolder
gehaald, voor het wekelijks bad.
 
Deze situatie duurde gelukkig niet lang,
want we konden op zoek naar een eigen huis,
de huurvergunning was toegewezen.
 
maart 2026


22/04/2026

Suwayama vroegmoderne tijd - Jun Yamamura

Originele titel: Suwayama kinseidai Uit de bundel: Waku (Het kader) Uitgeverij: Daiichi Bungeisha, Tokyo, 1965. Vertaling: Hans van den Bos


Jun Yamamura
[1898-1975]

Suwayama – vroegmoderne tijd
 
Het was herfst op de berg.
Er stond een gebouw in antieke stijl,
een gelige schemerlicht
hing over het onkruid.
 
Vroeger was hier vlakbij
een dierentuin,
waar tijgers en leeuwen
in ijzeren hokken leefden.
 
Op een nachts was er plotseling
een luchtaanval,
de tijgers en leeuwen verdwenen
samen met de bevolking van het Rijk.
 
Maar zijn
de verachtelijke
glorie en haat
helemaal
weggebrand?
 
Vandaag de dag hangt hier
tussen het betonpuin
de geur van dieren.
Maar ook de geur
van nazi's en van de keizer.
 
Voorbij de berg
is een stad waar
mensen en auto's elkaar verdringen
en belanden in de haven, in de zee,
 
terwijl het seizoen
rustig verandert
van herfst
naar winter.


16/04/2026

Botterstraat

Het Witte Dorp
foto: De Havenloods
 

Botterstraat
 
Woningnood was een groot probleem
een getrouwd stel kreeg niet direct
een vergunning voor een huurwoning,
dus op kamers of bij familie was de enige optie.
 
Mijn moeder, mijn zusje,
ik en de nieuwe papa,
trokken in bij een oudere broer.
Deze woonde met zijn gezin
in het Witte Dorp, een soort nooddorp
ontworpen door de architect J.J.P. Oud. 
Gebouwd in 1922, met kleine huizen,
winkeltjes en medische voorzieningen.
 
Wij sliepen  met ons vieren
in een kamertje boven.
Om de andere huisgenoten niet te storen,
deden wij onze behoeften op een emaille po
en het was mijn taak, als vijf jarige,
om hem 's morgens in de wc te legen.

 
Op een dag struikelde ik
en rolde met po en al de trap af,
waardoor ik en de traploper
onder het gele vocht kwamen te zitten.
Dit voorval zorgde voor een denderende ruzie
tussen  beide schoonzussen,
zodat met spoed moest worden uitgekeken
naar een nieuw onderkomen.                                      
 
 
maart 2026


Parallelweg


 


Parallelweg
 
Mijn vader was voor mij
na mijn vierde jaar een foto,
die in een lade in mijn moeders slaapkamer lag.
Als zij niet thuis was,
dan keek ik er regelmatig naar.
Rond mijn twintigste
kwam de foto in mijn bezit.
 
Begin jaren negentig
schonk mijn moeder’s broer
mij een foto op briefkaart formaat,
waarop mijn vader en moeder waren afgebeeld.
Op de achterkant
stond met potlood geschreven:
Henk en Annie v/d Bos –
Parallelweg 43b – Rotterdam (Zuid) – Holland
het adres van een familielid waar zij inwoonden.
De foto was gemaakt op 26 januari 1946,
hun huwelijksdag,
in de studio van een fotohandel,
een half jaar nadat zij elkaar hadden ontmoet.
 
 
11-03-2026


15/04/2026

Traditie in Adrigole

 Naar aanleiding van een bezoek aan Ierland in 1995
foto Internet




Traditie in Adrigole
 
Pub, fillingstation, post and food.
Aan de deur een vergeelde poster:
Every night live traditional music.
 
Binnen in de donkere ruimte
tapt een rokende zestienjarige
perfecte pints of stout.
 
Aan de toog Mr. Korsakov,
in gesprek met een lange magere man.
Op een bank onder het raam staren
twee oude herders diep in hun Guinness.

De BBC brengt het nieuws van Europa
en laat het slechte weer in de UK zien.
Buiten schijnt de zon laag over Beara.
Music every night, except tonight.

2021

Herfst op de heuvel

 

foto © Hans van den Bos


Herfst op de Heuvel
 
Het door bramen en varens steeds smaller
wordende pad meandert de heuvel op
en geeft een wisselend uitzicht over de rivier,
die deels bedekt is door een deken van mist.
 
Aan de overzijde, hoog boven water en mist,
hangt een groot huis als tegen de rots gekleefd,
waar achter een raam een vrouw zich langzaam aankleed,
niet bedacht op een kijker, die twee kleine witte reigers volgt.
 
Beginnende herfsttinten kleuren bomen en struiken
en de geur van zwammen is alles overheersend.
Het is doodstil, alleen de roep van een merel
en het tikken van een roodborst echoën door het bos.
 
Op de top na een bocht blaast de zwoele zuidenwind
de eerste bladeren van de bomen en laat een dorp
en de rivier uit de mist te voorschijn komen.
In de verte regent het, op de heuvel verschijnt de zon.
 
2006


14/04/2026

Lied van een kwal - Mitsuharu Kaneko

 Originele titel: Korage no uta - uit: Nigen no higeki (Menselijke tragedie) - Uitgever: Sogensha, Tokyo - 1952
Vertaling: Hans van den Bos

Mitsuharu Kaneko
[1895-1975]

Lied van een kwal
 
Verscheurd en heen en weer geslingerd,
en zo werd ik uiteindelijk transparant.

Maar heen en weer geslingerd worden is niet prettig.
 
Je kunt van buitenaf dwars door me heen kijken, toch?
Kijk, in mijn spijsverteringsstelsel
ligt alleen een tandenborstel met versleten haren,
en wat geelachtige vloeistof.
 
Het afstotendste ding wat ik heb is een hart.
Tenminste tot op heden.
Mijn ingewanden en alles
werden meegesleurd door de golven.
 
Ik? Met "ik" bedoel ik
leegte.
Leegte heen en weer geslingerd door de golven,
en toen weer heen en weer geslingerd door de golven.
 
Net wanneer je denkt dat ik verslap,
verander ik in de kleur van een paarse wisteria,
en 's nachts,
steekt ik een lamp aan.
 
Nee, in werkelijkheid,
wordt alleen mijn hart, dat zijn lichaam kwijt is,
heen en weer geslingerd.
De dunne sluier omwikkelde het hart.
 
Nee, nee, het was slechts de schaduw
van uitputting door de pijn van het heen en weer
geslingerd worden, tot ik helemaal leeg was!


12/04/2026

Twee Japanse verzen - J.J. Slauerhoff

 Originele titel: Vers Japonais - uit de bundel: Fleur de marécage, Uitgeverij A.A.M. Stols, Brussel --1929 
Vertaling: Hans van den Bos



Twee Japanse verzen
 
I.
 
Witte ijsvogels streken neer
op de takken bij het water.
Ze keek naar ze en met
een betoverende stem riep ze uit:
'Ze voorspellen ons geluk!'
Ze zag de zwarte vogel niet
die van de berg afdaalde.
De ijsvogels vlogen weg,
de takken, nog trillend van hun vlucht,
bogen onder het gewicht van de raaf.
 
 
II.
 
In het laatste pension op de berg
waar ijs en sneeuw eeuwig zijn,
rustte ik een nacht, volkomen uitgeput,
want daar moest de winter me beschermen
tegen de pijn waaraan de lente medeplichtig is.
Daar ging een droom op zoek naar verraderlijke bloemen,
die ik verloren waande in een verre lente,
hij opende zijn armen, ze sneeuwden op de sneeuw;
de bevroren, witte vlakte kleurde roze
en bleef roze gedurende een lange winternacht.


10/04/2026

Over het woord emigrant - Bertholt Brecht


Originele titel: Über die Bezeichnung Emigranten 
(1937)
Vertaling: Hans van den Bos


Over het woord emigrant

Ik heb altijd gedacht dat de naam, die ze ons gaven verkeerd was: 
Emigranten.
Dat betekent landverhuizer. Maar wij
zijn niet uit vrije wil  naar een ander land verhuisd.
We zijn ook niet verhuisd,
om misschien wel voor altijd daar te blijven.
Integendeel, we zijn gevlucht. We zijn ontheemden, ballingen.
Het land dat ons opnam is geen thuis, maar het is een ballingsoord.
Rusteloos zitten we hier, zo dicht mogelijk bij de grens,
wachtend op de dag van terugkeer, elke kleinste verandering
aan de andere kant van de grens observerend, elke nieuwkomer
ijverig vragen stellend, niets vergeten en niet de hoop opgeven
en ook niet vergeven van wat er gebeurd is, niets vergeven.
Ach, de stilte over de zonde bedriegt ons niet! We horen de kreten
vanuit hun kampen hier helemaal. Want wijzelf zijn
bijna net als de geruchten over misdaden, die ontkwamen
over de grens. Ieder van ons
die op kapotte schoenen tussen de menigte loopt
is getuige van de schande, die ons land nu bezoedelt.
Maar niemand van ons
zal hier blijven. Het laatste woord
is nog niet gesproken.


09/04/2026

Een jongeman - Noriko Ibaragi

Watanabe Yuji - Yūgure no Fuji 
Originele titel: Seinen
Vertaling: Hans van den Bos



Een jongeman

Zijn gezicht was afwezig,
of liever gezegd somber,
meer dan somber, het was neerslachtig.
Een gezicht dat anderen afwees,
een gezicht dat zich had afgesloten.
De neerslachtigheid die zijn hele wezen omhulde,
voelde vreemd vertrouwd aan.
Was hij een student, een verkoper
of een aanstormend overheidsfunctionaris?
Ik had geen idee.
Als ik "pardon" zou zeggen,
zou hij waarschijnlijk zijn ogen afwenden,
dus hij moest wel een jonge Japanner zijn.
Ik keek zonder echt te kijken.
Zijn blik volgend, daar was het dan:
De Fuji bij zonsondergang.
De hele omgeving was wijnrood gekleurd
en de zon zakte net achter de linkerflank van de Fuji.
Vanaf dit station in Musashino betekende het,
dat wanneer de zon
achter de rechterflank van de Fuji zakte,
dat de lente langzaam aanbrak.
 
Zwijgend naast hem zittend,
blootgesteld aan de koude wind,
samen wachtend op de trein,
voelde ik een lichte duizeling...
Het was alsof mijn vroegere zelf
van twintig jaar geleden naast me zat,
in de gedaante van een jongeman.